Omgevingsfactoren die de kwaliteit van wijn kunnen beïnvloeden

  • Geplaatst op
  • Door Het Wijnmarkt Team
  • 0

Om te kunnen groeien en rijpe, gezonde druiven voort te brengen, heeft een wijnstok kooldioxide (CO2) nodig, plus zonlicht, water, warmte en voedingsstoffen.

Kooldioxide, ook wel koolzuurgas genoemd, zit in de lucht (een groot deel ervan wordt uitgeademd door dieren), maar de beschikbaarheid van de andere vier benodigdheden hangt af van de omgeving of het milieu waarin de wijnstok groeit. Het klimaat en weer zijn met name van invloed op de hoeveelheid zonlicht, hitte en water en de bodem beïnvloedt vooral warmte en water, plus de beschikbaarheid van voedingsstoffen.

Aangezien de weersomstandigheden van jaar tot jaar verschillen, heeft het weer ieder jaar invloed op de stijl en kwaliteit van de wijnen uit dat jaar. De belangrijkste periode is de groeiperiode, met name wanneer de druiven aan het rijpen zijn.
Als de schil van de druif beschadigd is door bijvoorbeeld hagel, is deze zeer bevattelijk voor rotting.
Maar dankzij moderne technieken voor druiventeelt en de productie van wijn, worden de verschillen tussen de oogstjaren steeds kleiner en zijn er minder slechte jaren.

Zonlicht is de bron van energie die de druif in staat stelt om kooldioxide en water om te zetten in suiker. Vanuit het perspectief van de wijnmaker zijn deze suikers het belangrijkste onderdeel van de druif, want het zijn de suikers die worden vergist tot alcohol. Zonder zonlicht, kooldioxide en water zouden er eenvoudigweg geen druivensuikers zijn en zonder druivensuikers geen wijn.  

Water kan van regen, uit de grond of irrigatie komen. Van teveel water raken de druiven opgezwollen. De oogst is dan wel groter, maar de aroma's en suikers zijn verwaterd, waardoor de smaken tegenvallen. Om wijnen van de beste kwaliteit te maken, krijgen druivenranken net voldoende water om de aanmaak van suikers gaande te houden.

Er is warmte nodig voor de aanmaak van suikers, maar niet teveel of te weinig. De meeste wijngaarden liggen tussen de 30 en 50 graden van de evenaar. Dit is een gematigde klimaatzone en geschikt voor wijnbouw. Een wijnstok is in staat zichzelf af te koelen door water te laten verdampen via zijn bladeren. In gevallen van exterme hitte schakelt de wijnstok de activiteit van zijn bladeren helemaal uit, om te voorkomen dat de plant uitdroogt. Er worden dan ook geen suikers geproduceerd. 

Een druivenplant heeft ook voedingstoffen nodig, ook al is het in hele kleine verhoudingen. Deze worden geleverd door de bodem. Wijnstokken zijn heel makkelijk en groeien in allerlei grondsoorten. De suikers die de bladeren aanmaken, voorzien niet alleen de druiven van zoetigheid, ze vormen ook de bouwstenen voor de hele wijnstok. In zekere zin is de hele plant opgebouwd uit materiaal dat wordt geleverd door de kooldioxide in de lucht en het water dat de plant met zijn wortels opzuigt.

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden